Met enige tegenzin begon ik kortgeleden aan
The Greatest Show on Earth: The Evidence for Evolution, het nieuwe boek van Richard Dawkins. Die tegenzin kwam voort uit twee dingen. Ten eerste is er in dit 'Darwinjaar' al zóveel over evolutie gezegd en geschreven dat een verzadigingspunt langzaam in zicht komt. Eerder dit jaar heb ik een onderzoek gedaan naar de ontvangst van Darwinisme binnen 19e-eeuwse Arabische kringen, en bij die gelegenheid heb ik veel, héél veel over het onderwerp doorgenomen. In eerste instantie was het idee van weer een boek over dit onderwerp niet aanlokkelijk.
Een tweede reden waarom ik niet meteen razend enthousiast was over de nieuwe Dawkins, was dat hij met zijn vorige boek
The God Delusion de plank toch vrij pijnlijk missloeg. Als evolutiebioloog en -theoreticus heeft Dawkins baanbrekend werk verricht, met name in de jaren zeventig en tachtig. De invloed van zijn ideeën zijn op veel terreinen voelbaar. Maar zijn virulente en starre aanval op God en gelovigen ontbeerde alle nuances en elegantie van zijn eerdere werk. Ook voor skeptici en ongelovigen als ikzelf was Dawkins' bij vlagen warrige manifest even slikken. En dat werd nog verergerd doordat
The God Delusion uitkwam op een moment dat de tegenstelling tussen schepping en evolutie toch al op scherp stonden en het publieke debat snel radicaliseerde. De goede bedoelingen van Dawkins en zijn medestanders raakten volledig ondergesneeuwd in een discours dat vanuit beide kampen soms met een verbijsterend gebrek aan kennis van zaken werd gevoerd. Hoewel het nog te vroeg is om onbevangen terug te kijken durf ik wel de stelling aan dat
The God Delusion op langere termijn de Atheistische zaak meer kwaad dan goed gedaan heeft.
Schoorvoetend begon ik dus aan
The Greatest show on Earth. Mijn twijfel verdween echter al vrij snel. Want gelukkig manifesteert Dawkins zich deze keer niet meer als amateur-theoloog maar beperkt hij zich grotendeels tot het terrein waarop hij het beste thuis is, namelijk de evolutiebiologie. Systematisch en overzichtelijk bespreekt hij per deelthema de bewijzen die er zijn voor evolutie. Zijn stijl is daarbij als vanouds vloeiend, met soms wat onnodig lange zinnen, maar gelardeerd met talloze voorbeelden die zijn betoog ook voor niet-deskundigen toegankelijk maakt. Nergens gaat hij daarbij op zijn hurken zitten. Dawkins neemt zijn lezers serieus en dat vergt soms best wat inspanning. Ik moet bekennen dat ik de hoofdstukken over aminozuren en de opbouw van een cel maar met moeite kon volgen. Maar dat kan ook naast niet anders. Bewijzen voor de evolutie zijn er in alle soorten en maten en Dawkins laat ook de meest subtiele niet onbesproken.
Heel in de verte doet zijn aanpak wel een beetje denken aan Bill Bryson's eveneens uitstekende
A Short History of nearly Everything, al is het boek van Dawkins meer verklarend dan beschrijvend van aard. Die laatste is natuurlijk ook veel beter thuis in de materie en dat blijkt op iedere pagina.

Een aangename verrassing van het boek is het grotendeels ontbreken van ruziekzoekerij met creationisten en andere halve zolen. Natuurlijk, ID-aanhangers krijgen in
The Greatest Show een paar keer onderuit de zak. Maar het is steeds op basis van goed onderbouwde argumenten, en niet op de soms wel erg rabiaat gebrachte schimpscheuten in
The God Delusion. Geen enkele creationist zal door Dawkins op andere ideeën gebracht worden (iets waar hij zich zelf gelukkig ook terdege van bewust is). Maar wie
The Greatest Show on Earth serieus neemt kan niet meer om het feit heen dat er geen enkele reden is om de realiteit van evolutie in twijfel te trekken.
Kleven er dan helemaal geen nadelen aan het boek? Een paar. Maar die vind ik van secundair belang. Stilistisch zou het de tekst er bij gebaat zijn als Dawkins zijn zinnen wat minder lang zou maken. Meer inhoudelijk miste ik een beetje een bespreking van de dwalingen van het sociaal-darwinisme. Dawkins noemt het af en toe wel eens, maar gaat nergens diep in op de uiterst zwakke onderbouwing van dit dubieuze begrip.
Een tweede punt dat ik miste was een wat systematischer bespreking van de witte plekken die er nog in de evolutietheorie gapen. Niet dat Dawkins die verzwijgt of bagatelliseert. Integendeel. Hij is heel duidelijk over wat we wél en wat we niet weten. Maar het boek was misschien nog sterker geweest als hij hier een apart hoofdstuk aan gewijd had. Anderzijds: het zou
The Greatest Show wel meteen dateren. Vrijwel dagelijk komen er namelijk nog nieuwe gegevens en nieuwe onderzoeksresultaten bij. Anders dan veel tegenstanders beweren worden de nog onverklaarde onderdelen van de evolutietheorie steeds beter begrepen.
Voor wie is het boek vooral bedoeld? Niet zozeer voor creationisten, die Dawkins en andere evolutiewetenschappers per definitie wantrouwen. Ook niet voor wie al het nodige over de natuurwetenschappelijke kant van de theorie weet, al gaat Dawkins beslist dieper op de materie in dan de meeste andere populaire boeken.
The Greatest Show on Earth is vooral heel waardevol voor wie een handzaam, intelligent en toegankelijk overzicht van de stand van zaken wil lezen. Die mensen raad ik het boek dan ook met klem aan.
PS. Een video waarin ome Dick zelf uitlegt waar het boek over gaat.